kunst en muziek

Beeldende kunst, Architectuur en beeldhouwkunst en Klassieke muziek

De lessen zijn (met uitzondering van klassieke muziek) wekelijks en duren anderhalf uur. Voor de datums van de lessen klassieke muziek: deze staan vermeld bij de beschrijving.

Alle cursussen vinden plaats in het gebouw Paul Krugerlaan 55 te Eindhoven
Inschrijven kan digitaal via onderstaand Inschrijfformulier. Eén formulier per persoon en één cursus per formulier invullen, dit om vergissingen te voorkomen.

 

Architectuur en beeldhouwkunst begin 20e eeuw info ma 11.15-12.45 u gestart 22 oktober 4 lessen €33,-
Kijken naar kunst info ma 11.15-12.45 u start 14 januari 2019 4 lessen €33,-
Portretkunst info ma 11.15-12.45 u start 11 maart 2019 4 lessen €33,-
De Prerafaëlieten – zie rubriek thema’s info
Aesthetic Movement, navolgers Prerafaëlieten – zie thema’s 2019 info
Klassieke muziek
Haydn, Beethoven, Mozart info vr 09.30-11.00 u najaar 2019 9 lessen €66,-
Olivier Messiaen – zie rubriek thema’s 2019 info
Inschrijven:
inschrijvenklein
Aanmelden cursus beeldende kunst en muziek:
aanhef:
achternaam:
voorletters:
roepnaam:
straat:
huisnummer:
postcode:
woonplaats:
telefoon:
e-mail:
indien bekend cursistnummer:
kies cursus:
startdatum:
eventuele opmerking:
( zie privacyverklaring )
klik om het formulier te verzenden:

Beeldende kunst

In de loop der jaren zijn in het aanbod van 55 Plus Educatief door meerdere docenten heel wat onderwerpen uit de kunstgeschiedenis gepresenteerd. Momenteel hebben wij in ons midden:

Marijke de Broekert, docent kunstgeschiedenis, is ruim dertig jaar werkzaam geweest in het volwassenenonderwijs. Haar gebied bestrijkt de gehele westerse kunstgeschiedenis. Zij heeft inmiddels een aantal cursussen ontwikkeld, die zij bij voldoende belangstelling de komende seizoenen kan presenteren. De afgelopen jaren hebben achtereenvolgens de cursussen Invloed van de Griekse mythologie op de beeldende kunst, Vier grote Nederlandse kunstenaars en Kunst na 1945 plaatsgevonden, Dit seizoen komen de cursussen Van expressionisme tot surrealisme en Architectuur en beeldhouwkunst aan het begin van de 20e eeuw aan bod. Voor het eerste halfjaar van 2019 staan Kijken naar kunst en Portretkunst al op het programma.

Carla Toffolo heeft de afgelopen periode ons aanbod uitgebreid met themabijeenkomsten over Frida Kahlo, Therèse Schwartze, de Amsterdamse Joffers, Japonisme in de kunst en een cursus over Vrouwelijke schilders door de eeuwen heen. In het najaar zet zij De Prerafaëlieten in de schijnwerpers en in februari 2019 Esthetic movement, de navolgers van de Prerafaëlieten.

Erik Mulder, kunsthistoricus en gespecialiseerd in 15e en 16e eeuwse Italiaanse kunst, heeft zijn cursussen  De luister van de Barok in het 17e eeuwse Rome en Schilderkunst in Hollands Gouden Eeuw aan ons aanbod toegevoegd. Zijn themabijeenkomsten in de afgelopen seizoenen hebben veel belangstellenden getrokken,  zoals over Leonardo da Vinci, Raphael, Michelangelo, RembrandtJheronimus Bosch, Johannes Vermeer en Eeuwige schoonheid in de kunst van de Italiaanse renaissance. Het thema De Vlaamse Primitieven in de kunst staat in maart op het programma, zie de rubriek Thema’s en lezingen.

Kunstbeschouwing, een cursus in ‘kijken naar kunst’
In deze cursus leert u op een ‘beschouwende’ manier kijken naar kunst. Beschouwen betekent iets rustig en nauwkeurig bekijken, maar ook nadenken over datgene wat je ziet en met anderen erover praten. Je eigen mening speelt een belangrijke rol, maar het kunstwerk op zich staat centraal. Niet alleen voor de hand liggende vragen zoals: “Wat stelt het voor? “ of “Hoe komt iemand op dit idee?“ zijn bij kunstbeschouwing van belang. Je kijkt ook naar de verschillende onderdelen waaruit het kunstwerk is opgebouwd. Deze onderdelen zijn de zogenoemde beeldaspecten. De vier belangrijkste zijn: kleur, compositie, ruimte en licht.
Aan de hand van geprojecteerde afbeeldingen worden deze beeldaspecten uitgelegd en besproken in diverse kunstwerken door de eeuwen heen.
Invloed van de Griekse mythologie op de beeldende kunst
Griekse mythen en sagen zijn verhalen over goden, halfgoden en het contact tussen goden en mensen. De mythologie geeft verklaringen voor het ontstaan van de wereld, de hemellichamen, de mensen, de god en, het kwaad en ziekten, natuurverschijnselen en de oerelementen aarde, water, vuur en lucht. Ze vormen de basis van het geloven en denken van de oude Grieken. Eeuwenlang hebben kunstenaars inspiratie geput uit de rijke bron van deze mythologische verhalen. In deze cursus leert u enkele van deze verhalen herkennen en duiden in verschillende kunstwerken, zoals de mythen over Zeus, Aphrodite, Apollo en Dionysos.
Vrouwelijke schilders door de eeuwen heen
Door de eeuwen heen zijn er vele beroemde vrouwelijke schilders geweest. Vaak hebben ze moeten strijden om te mogen werken en hun talent te ontplooien. Sommigen hadden geluk en een vader of echtgenoot die achter ze stond maar anderen werden tegengewerkt. En toch kon niks hun passie stoppen.
Portretkunst
Portretkunst is een fascinerend fenomeen. In eerste instantie waren het mensen van hoog aanzien die hun portret lieten maken, met de nodige verbloemingen en verfraaiingen. Pas vanaf de late middeleeuwen begon deze verheerlijking af te nemen en kun je spreken van een portret zoals wij dat tegenwoordig definiëren: een weergave van de werkelijkheid, waarbij herkenbaarheid een grote rol speelt. De portretkunst kwam  pas echt tot bloei in de Renaissance; in deze periode werd immers het individu belangrijk. De betekenis van de portretkunst is vaak verbonden met de keuze van de kunstenaar. Deze kan op zoek gaan naar een karakteristieke houding of expressie van het gezicht. Hij kan spelen met licht en compositie om de persoonlijkheid van het geschilderde personage te verduidelijken. Op die manier kunnen wij ons een beeld vormen van de voor ons onbekende. In deze cursus komt kort de geschiedenis van de portretkunst aan bod en gaat u voorbeelden zien van diverse soorten portretten waaronder het staatsieportret, het groepsportret, het huwelijks- en familieportret, het individuele portret en het zelfportret.
De luister van de Barok in het 17e eeuwse Rome
Het 17e eeuwse Rome vormde de bakermat voor een revolutie in beeldende kunsten: weg met al die 16e eeuwse gekunstelde afbeeldingen en die overdreven zucht naar schoonheid, terug naar de eenvoud van mens en natuur. Geen kunst voor de elite, maar kunst voor het volk. Het is de periode van de barok, een kunstvorm die zich over heel Europa zal uitspreiden. Twee kunstenaars hebben hun stempel gedrukt op die periode. Caravaggio, de Italiaanse Rembrandt, rekent af met de schoonheidsidealen van de renaissance. Hij toont ons de vulgaire alledaagsheid van het bestaan in zijn befaamde licht-donker contrasten ( zie Roeping van Mattheus). Hij heeft een enorme invloed uitgeoefend op kunstenaars van zijn tijd, ook in Nederland met de school van Utrechtse caravaggisten. De tweede kunstenaar is de beeldhouwer Bernini, het genie van de barok, de Michelangelo van de 17e eeuw. Deze cursus voert u mee naar alle hoogtepunten van beeldende kunsten in het Rome van die tijd.
Kunst in het fin de siècle: de overgang van de 19e naar de 20e eeuw
Het fin de siècle is een periode in de West-Europese cultuur die zich voordeed tussen circa 1890 en 1914. Met deze term duidt men niet zozeer het tijdsbestek zelf aan, maar eerder het levensgevoel dat in die periode in de cultuur overheerste. Kunstenaars trekken zich terug uit de wereld in een ‘ivoren toren’ en richten zich bij uitstek op de schoonheid, de esthetiek, maar ook op het spirituele, het decadente. De kunststijlen van Art Nouveau, Modernismo en Jugendstil bepalen de architectuur en de beeldende kunst. Het Symbolisme is aanvankelijk een literaire beweging; in de beeldende kunst vinden we deze stroming in de schilderkunst. Tijdens deze cursus maakt u kennis met deze kunststijlen in de verschillende West-Europese landen waarin de Art Nouveau en Jugendstil zich ontwikkelden in de architectuur, schilderkunst, beeldhouwkunst en toegepaste kunsten. We bekijken onder meer het werk van Victor Horta, Antonio Gaudi, Gustav Klimt en Henri de Toulouse-Lautrec. Kunstenaars als Odilon Redon, Aubrey Beardsly, James Ensor en Jan Toorop komen aan bod bij Symbolisme.
Schilderkunst in Hollands Gouden Eeuw
De Gouden Eeuw was een van de meest markante perioden in onze geschiedenis van beeldende kunsten. Nooit eerder werden in één eeuw meer dan een miljoen schilderijen geproduceerd. Maar het is niet dat enorme aantal dat ons vandaag imponeert. Het is juist de kwaliteit van deze kunstwerken waardoor die eeuw zijn glorieuze titel van de Gouden Eeuw van de schilderkunst verwierf. De schilders van de Gouden eeuw hebben al experimenterend getracht de zuivere schoonheid van de alledaagse wereld te ontdekken. Voor hen was het onderwerp van een afbeelding niet echt van belang, als die oogstrelende schoonheid van het alledaagse leven maar kon worden afgebeeld. Kunstenaars wilden niets verbloemen en iets niet mooier weergeven dan het in feite was. Zelfs als zij iets zagen wat in hun ogen afweek van hun idee van schoonheid, dan toch toonden zij de werkelijkheid mét die ‘lelijke’ details af om zo de schoonheid van een  ongerepte werkelijkheid te kunnen omvatten. Erik Mulder laat in deze cursus zien hoe door de enorme welvaart een grote vraag ontstaat naar schilderijen voor versiering van de huizen van niet alleen de hoogste kringen van de Hollandse samenleving, maar ook die van de gegoede, overwegend calvinistische, burgerij. Door die grote vraag ontstaat een echte markt voor schilderijen waardoor kunstenaars zich gaan specialiseren. Allerlei nieuwe genres ontstaan en schilders gaan zich daarin specialiseren: landschappen; zeegezichten; interieur- en stadsgezichten; het stilleven; volkse huiselijke scènes; galante taferelen. Drie kunstenaars steken met kop en schouder boven al die andere kunstenaars uit. Dat zijn de Leidenaar/Amsterdammer Rembrandt van Rijn, de Haarlemmer Frans Hals en de Delftenaar Johannes Vermeer (zie Het meisje met de parel). Tijdens de cursus wordt op hun leven en werken ingezoomd. De laatste les is gewijd aan de Leidse school van ‘fijn’schilders.
Vier grote Nederlandse kunstenaars:Rembrandt, Vincent van Gogh, Piet Mondriaan en Karel Appel
Rembrandt uit de 17e eeuw, Vincent van Gogh uit de 19e eeuw, Piet Mondriaan uit de eerste helft en Karel Appel uit de tweede helft van de 20e eeuw, wat maakte hen zo bijzonder en hoe groot is hun invloed geweest op de kunst die na hen kwam. Per bijeenkomst staat één kunstenaar centraal, zijn werk, zijn leven, zijn invloed en zijn omgeving, waarbij aspecten van de betreffende periode en de culturele context ruimschoots aan bod komen.
Het impressionisme: de stroming die een nieuw tijdperk inluidt
Niet de plek, maar de indruk. Dat is misschien wel de meest toepasselijke omschrijving van de stijl die zich onder een groep Franse kunstenaars vanaf de jaren 1860 ontwikkelde. Niet een getrouwe, verfijnd geschilderde weergave van de werkelijkheid was hun doel, maar momentopnames van het dagelijkse leven, waarbij het licht en de kleur een belangrijke rol speelden. Het was in de kunsten een spannende tijd, waarvan u in vier bijeenkomsten een volledig beeld zult krijgen. U ziet hoe de stijl ontstond, voornamelijk in Frankrijk en Nederland, hoe deze doorbrak en wat de invloed is geweest op latere ontwikkelingen. Met onder andere kunstenaars als: Manet, Monet, Renoir, Degas, Breitner, Israëls en later Seurat, Signac, van Rysselberghe en Toorop.
Van expressionisme tot surrealisme: de kunst van de modernen
Het culturele klimaat in de eerste helft van de 20e eeuw wordt getekend door twee wereldoorlogen, de economische wereldcrisis en de opkomst van het fascisme. In de 19e eeuw legt het impressionisme de nadruk op het zichtbare, terwijl in de 20e eeuw het expressionisme juist uiting geeft aan alles wat hierachter schuilgaat. Het kunstwerk is geen weergave meer van iets, maar wordt een zelfstandig object met een eigen werkelijkheid, een eigen inhoud, vorm en betekenis. Kortom, een spannende tijd in de kunstgeschiedenis. In vier bijeenkomsten maakt u kennis met de stromingen het expressionisme, het kubisme, het futurisme, het dadaïsme en het surrealisme. Per stroming worden zowel de schilderkunst, alsook de beeldhouwkunst en architectuur behandeld. U leert de stromingen herkennen en van elkaar te onderscheiden. Alle belangrijke kunstenaars komen aan bod, zoals Henri Matisse, Pablo Picasso, Umberto Boccioni, Marcel Duchamp en Salvador Dalí.
Kunst na 1945
Tot aan de tweede wereldoorlog is Parijs het artistieke centrum van de wereld. Door de oorlog in Europa zoeken veel kunste¬naars hun toevlucht in Amerika, New-York wordt het nieuwe artistieke centrum. De abstracte kunst wint steeds meer terrein, in de jaren vijftig zien we de stromingen Action Painting (Jackson Pollock) en Colorfield Painting (Mark Rothko). Eind jaren vijftig ontstaat de Pop Art (Andy Warhol), een stroming die zijn voedingsbodem vindt in de harde, onpersoonlijke cultuur van de grote stad. In de jaren zestig en zeventig lijkt de schilderkunst terrein te verliezen. In musea komen performances, videokunst, lichtkunst en minimal art aan bod, ten koste van de traditionele schilderkunst. De conceptuele kunst, het concept van het kunstwerk, is belangrijker geworden dan de gebruikte techniek van verf op doek. Kunstenaars experimenteren met materialen en verkennen de grenzen tussen de verschillende disciplines. We zien stromingen als Body Art (Marina Abramovíc) en Land Art (Christo). In de jaren tachtig lijkt een beweging terug naar de figuratie te ontstaan, we zien het Hyperrealisme (Chuck Close) en het Neo-expressionisme (Anselm Kiefer). Tegen het einde van de twintigste eeuw ontstaat het Postmodernisme (Jeff Koons), er heerst een ‘einde van de eeuw’ gevoel: alles is al een keer gedaan, er is niet veel nieuws meer te verzinnen.
In acht bijeenkomsten wordt een overzicht gegeven van de ontwikkelingen en stromingen uit de tweede helft van de twintigste eeuw, waarin van alle belangrijke stromingen de meest toonaangevende kunstenaars behandeld worden.
Ontwikkelingen in de architectuur en beeldhouwkunst in de eerste helft van de 20e eeuw
Onder invloed van architecten zoals Berlage, Dudok en Le Corbusier zien we een vernieuwing ontstaan in de architectuur. Nieuwe bouwconstructies en nieuwe materialen geven de architect een groot scala aan mogelijkheden. Stedenbouwkundige ontwikkelingen nemen een steeds belangrijker plaats in.
De beeldhouwkunst bevrijdt zich van de wetten en regels die voorgeschreven waren in de 19e eeuw. Belangrijke beeldhouwers zijn onder andere Brancusi, Moore en Giacometti. Het Bauhaus is de benaming voor de toonaangevende academie voor beeldende kunstenaars, ambachtslieden en architecten. De invloed van deze academie is groot geweest, vooral op het gebied van architectuur en vormgeving. Aan de hand van afbeeldingen worden deze ontwikkelingen behandeld en in de tijd geplaatst.

KLASSIEKE MUZIEK

Het programma klassieke muziek biedt wederom een interessante cursus om klassieke muziek beter te kunnen beluisteren, begrijpen en ervan genieten. Muziek kan je blij maken door haar schoonheid. Ze kan ook troosten, je opbeuren in moeilijke tijden. Ook kan ze boosheid, angst en verdriet vertolken en daarmee je eigen gevoelens kanaliseren. Muziek verrijkt je leven. Tot op hoge leeftijd is het mogelijk muziek te beluisteren en ervan te genieten. Dat is iets om dankbaar voor te zijn, maar ook om dat uit te buiten. Actiever luisteren doet je meer aan muziek beleven!
Docerend en uitvoerend musicus Coen Jansen heeft eerder klassieke muziek in de meest brede zin van het woord behandeld onder de naam Educatief klassiek. Aan bod kwamen onder andere de muzikale ontstaansgeschiedenis en de ontwikkeling van lied, liedcycli, kamermuziek en soloconcert. Muziek van bekende en minder bekende componisten zoals Bach, Beethoven, Biber, Sjostakovitsj, Mahler, Wagner, Strauss, Messiaen, Britten, Berio, Bartók, Strawinsky, de Victoria, Debussy, Reed, Berlioz en Schubert waren te beluisteren. Vervolgens heeft hij in de afgelopen seizoenen de cursussen Opera: springlevend,  Symfonie: begrijpend luisteren en Gewijde muziek in twee delen gegeven. In het najaar gaat zijn nieuwe cursus over Gustav Mahler en Richard Strauss van start. Ieder seizoen biedt hij daarnaast ook een themamiddag aan, in oktober 2018 over Maurice Ravel en in maart 2019 over Olivier Messiaen, zie rubriek thema’s


Gewijde muziek
Gewijde muziek is van oorsprong vaak gecomponeerd voor gebruik in de kerkelijke liturgie maar tegenwoordig omvat die term veel meer dan alleen kerkmuziek, want er zijn vele soorten muziek gecomponeerd die je kunnen meevoeren naar een andere werkelijkheid, kortom; muziek die je ziel raakt, die zonder liturgische doeleinden geschreven is, maar waaraan tóch een spirituele betekenis wordt toegekend.
Vanuit een diep religieus besef, want een groot aantal componisten was priester, of vanwege een opdracht die de opdrachtgever prestige moest verschaffen, zijn in de loop van vele eeuwen de meest indrukwekkende composities ontstaan waaraan veel componisten tot op de dag van vandaag hun faam te danken hebben en die tot doel had de armen, die vaak ongeletterd waren, met de prachtigste muziek te evangeliseren.
Voor veel componisten was gewijde muziek een geliefd onderwerp en vaak de enige mogelijkheid om geld te verdienen omdat de kerk (samen met de adel) lange tijd de enige opdrachtgever was. Tegenwoordig vinden uitvoeringen van deze werken steeds meer in concertzalen plaats en trekken volle zalen.
Tijdens de bijeenkomsten zal een historisch overzicht worden gegeven van oa het Te Deum, Magnificat, Pro Defundis, waarbij de prachtige vocale én instrumentale muziek uit vele eeuwen muziekgeschiedenis te beluisteren zal zijn.

Gustav Mahler & Richard Strauss
Tussen deze twee giganten uit de laat-(Duits/Oostenrijkse) Romantische periode, die allebei – als dirigent maar vooral als componist – hun onuitwisbare stempel op het Europese muziekleven van het einde van de 19e eeuw tot en met het midden van de 20e eeuw hebben gedrukt, zijn veel overeenkomsten: beiden zijn evenveel verguisd als bejubeld; beiden hebben als topdirigent een internationale carrière gehad; beiden hadden grote bewondering voor elkaar; werken van hun hand worden tot de mooiste uit de muziekgeschiedenis gerekend; beiden schrijven voor hun symfonische werken enorme orkestbezettingen voor; beiden componeren in een zéér herkenbare stijl; beiden staan bij elk symfonieorkest op het standaardrepertoire; beiden hadden een bijzonder warme band met Nederland, enzovoort.Strauss is van het grootste belang geweest voor de ontwikkeling van het symfonische gedicht en van de opera.
Mahler heeft met zijn hyperpersoonlijke composities de late romantiek verbonden met de moderne periode van de klassieke muziek die met name in de Tweede Weense School (van Schönberg, Berg en Webern) gestalte kreeg.
Tijdens zes bijeenkomsten zullen hun boeiende levens en composities centraal staan en zal er uiteraard veel prachtige muziek van hun hand te beluisteren zijn. De bijeenkomsten hebben plaatsgevonden in het najaar van 2018.

Joseph Haydn , Wolfgang Amadeus Mozart en Ludwig van Beethoven
Er zal in de muziekgeschiedenis nauwelijks een periode te noemen zijn die meer bepalend is geweest voor de klassieke muziek dan het tijdperk van de Eerste Weense School, die ongeveer van 1750 tot 1820 duurde, en dat door drie van de allergrootste componisten uit de muziekgeschiedenis werd gedomineerd: Haydn, Mozart en van Beethoven. Hun namen staan steevast garant voor uitverkochte zalen. Alle drie schreven ze in melodisch, harmonisch en ritmisch opzicht, weergaloos en onnavolgbaar; waarbij ze streefden naar de volmaakte, evenwichtige schoonheid, perfect van vorm en volmaakt van zuivere muzikale ideeën. Deze geperfectioneerde klassieke stijl is vooral door Haydn geschapen, door Mozart uitgebouwd en door van Beethoven voltooid.
In dit tijdperk ontstaan dankzij Haydn, Mozart en van Beethoven nieuwe muziekvormen zoals de symfonie, het strijkkwartet, sonates voor solo-instrumenten en piano, en soloconcerten voor piano en orkest.
Tijdens negen bijeenkomsten zullen hun boeiende levens en schitterende composities centraal staan en zal er uiteraard veel prachtige muziek van hun hand te beluisteren zijn.
De bijeenkomsten zullen in het najaar van 2019 plaatsvinden.